Klompvoet

WAT IS EEN KLOMPVOET?

Een klompvoet (Talipes equinovarus) is een aangeboren voet afwijking. Het tast beenderen, pezen en spieren aan en kan aan één of twee voeten voorkomen. De voet is meestal kort en breed en is naar onder en naar binnen gedraaid.De Achillespees is meestal kort en stijf en de kuitspieren zijn dunner dan aan de gezonde kant. Het komt voor bij ongeveer 1 op 1000 geboorten en twee maal meer bij jongens. In 50%  van de gevallen zijn de twee voeten betrokken.

WAT VEROORZAAKT EEN KLOMPVOET?

Wat men tot nu toe weet. Het is een multifactoriële aandoening, dit wil zeggen dat er veel verschillende oorzaken zijn. Het geslacht speelt al een rol (meer kans bij jongens). Als het eerste kind een klompvoet heeft is de kans dat een tweede kind een klompvoet heeft slechts 4%.

Risicofactoren zijn:

  • Familiale geschiedenis
  • Positie van de foetus in de baarmoeder
  • Een kind met een neuromusculaire aandoening heeft een hoger risico
  • Oligohydramnios ( te weinig vocht in de baarmoeder)

Kinderen met een klompvoet hebben een groter risico op heupproblemen, zoals een heupdysplasie.

HOE STELT MEN DE DIAGNOSE?

Bij de geboorte wordt de diagnose meestal gesteld bij een grondig onderzoek van de baby. Röntgenfoto’s bevestigen de diagnose. Soms kan een voet het aspect hebben van een klompvoet, maar zeer flexiebel zijn, dan gaat het meestal om een banale positionele afwijking die zonder probleem geneest. Een echte klompvoet is stijf en moeilijk te manipuleren.

BEHANDELING

Het doel van de behandeling is om de voet in een normale positie te krijgen zodat hij normaal kan groeien. Manipulatie en corrigerende gipsen worden aangelegd van bij de geboorte. Het is de bedoeling om via deze manipulaties zo veel mogelijk te corrigeren, soms is dit reeds voldoende als behandeling. De gipsen worden wekelijks vervangen om steeds meer te kunnen corrigeren. Dit gebeurt tijdens de eerste drie maanden. Na deze periode worden er spalkjes gemaakt op maat  die eerst drie maanden 24 uur gedragen worden en daarna s’nachts. Er wordt tegenwoordig meer gebruik gemaakt van de Ponseti methode om correctie te bekomen zonder heelkundige ingreep. Als er onvoldoende correctie bekomen werd met de manipulaties, is een heelkundige correctie soms noodzakelijk. Dit gebeurt meestal rond de leeftijd van 9 maanden à 1 jaar.

EVOLUTIE OP LANGE TERMIJN

Als een goede correctie bekomen werd (met of zonder ingreep), zal het kind een normale ontwikkeling hebben en aan alle sportactiviteiten kunnen deelnemen. Soms blijft de aangetaste voet wel wat kleiner. (ongeveer 1 schoenmaat)

Subspecialismen

Kinderorthopedie

Sommige aandoeningen komen alleen voor bij kinderen en niet bij volwassenen. Kinderen groeien immers en kunnen hierdoor problemen ondervinden aan…

Volledige info